Sport je om te verbranden, of eet je om te kunnen sporten?

Sport je om te verbranden, of eet je om te kunnen sporten?
Veel mensen beginnen met sporten omdat ze willen afvallen. Meer bewegen betekent meer energie verbruiken. Klinkt logisch.
Maar ergens onderweg kan sport ongemerkt een soort rekensom worden.
“Ik heb teveel gegeten, dus ik moet sporten.”
Of:
“Ik heb gesport, dus nu heb ik dit verdiend.”
En precies daar kan misgaan. Sport is geen straf voor wat je gegeten hebt. Dat moet het ook niet worden. Daarnaast hoeft eten ook geen beloning te zijn omdat je hebt gesport.
Als je sport, vraagt je lichaam juist om voldoende energie. Koolhydraten helpen je tijdens inspanning. Dat is letterlijk de brandstof voor jouw lichamelijke motor.
Eiwitten ondersteunen herstel en spierbehoud.
Vetten blijven belangrijk voor onder andere hormonen en algemene gezondheid.
Dat betekent niet dat je na iedere wandeling ineens extra moet eten. Maar wel dat je lichaam structureel te weinig geven terwijl je er ondertussen veel van vraagt, uiteindelijk niet in je voordeel werkt.
Te weinig eten kan ervoor zorgen dat je minder energie hebt tijdens het sporten, slechter herstelt en later juist meer honger of trek krijgt.
De betere vraag is daarom niet altijd:
“Hoeveel heb ik verbrand?”
Maar eerder:
“Wat heeft mijn lichaam vandaag nodig om goed te kunnen bewegen en daarna te herstellen?”
De ene dag is dat wat meer. De andere dag wat minder. Het komt allemaal weer terug bij dat ene kleine woordje; balans
Je hoeft eten niet eerst te verdienen.
Voeding en beweging werken het beste wanneer ze elkaar ondersteunen.
Wil je hier persoonlijk mee aan de slag?
Plan een vrijblijvende kennismaking. Dan kijken we samen wat in jouw situatie kan helpen.
Plan een kennismaking